Voor een klein goed doel is de stichting bijna altijd de juiste vorm: geen leden, een bestuur dat zelf beslist, en een doelstelling die boven de bestuurder uitstijgt. Een vereniging past beter wanneer een achterban formeel mee moet kunnen stemmen.
De route in vijf stappen
- Doel scherp formuleren. Eén zin die uitlegt wat u wilt bereiken, voor wie, en waar. Dit wordt de kern van uw statuten én van elke fondsaanvraag.
- Bestuur samenstellen. Minimaal voorzitter, secretaris, penningmeester. Liefst oneven aantal, liefst niet allemaal uit één familie: dat is later een ANBI- en CBF-aandachtspunt.
- Naar de notaris. De oprichtingsakte en statuten worden notarieel verleden. Reken op €400–€700; veel notarissen geven ANBI-doelen korting.
- Inschrijven bij de KvK. De notaris regelt dit vaak meteen. U krijgt een KvK-nummer en daarmee toegang tot een zakelijke bankrekening.
- ANBI aanvragen. Pas ná inschrijving. Zie de toolkit ANBI-registratie.
Waar het in de statuten op aankomt
De Belastingdienst leest uw statuten met een ANBI-bril. Drie bepalingen zijn niet onderhandelbaar: een doel dat voor minstens 90% het algemeen nut dient, een bestuur waarin geen meerderheid over het vermogen beschikt, en een liquidatiebepaling die zegt dat een batig saldo bij opheffing naar een soortgelijk ANBI-doel gaat. Ontbreekt die laatste, dan wordt de ANBI-status geweigerd: de meest gemaakte beginnersfout.
Wij zijn drie keer terug naar de notaris geweest omdat de liquidatiebepaling ontbrak. Eén regel had ons een half jaar gescheeld.
Oprichter van een PI, Partin-startersbijeenkomst 2025